HIV en AIDS
HIV staat voor "Human Immunodeficiency Virus". Het is een virus dat je afweer verzwakt: je afweersysteem is niet meer in staat bepaalde ziekteverwekkers goed te bestrijden. Hiv dringt de witte bloedcellen binnen (CD4-cellen, vroeger ook wel T4-cellen genoemd), en zet ze aan tot het maken van nieuwe virussen. Deze cellen, die essentieel zijn voor de afweer, gaan hierdoor kapot.
Doorgaans is het lichaam in staat deze witte bloedcellen zeer snel aan te vullen, maar op een gegeven moment is het daar niet langer toe in staat. Op dat moment treden er ziekteverschijnselen op. Bepaalde ernstige ziektes, die alleen maar toeslaan bij mensen met een verzwakt immuunsysteem (opportunistische ziektes genoemd), kunnen optreden. Pas dan heb je aids.
AIDS is de afkorting van "Acquired Immuno Deficiency Syndrome". Letterlijk betekenen deze vier woorden 'verworven', 'afweersysteem', 'tekort' en 'complex van ziektes'. Aids is dus een verworven aandoening waarbij het afweersysteem tekortschiet, waardoor verschillende ziektes kunnen ontstaan.
Besmetting
Behandeling
HIV en andere SOA