achtergrond

2009 Prostitués in Antwerpen vinden veilige haven bij Boysproject

Bron: De Magneet (Antwerpse Regenboogkoepel)

Prostitués in Antwerpen vinden veilige haven bij Boysproject.

Eigenwaarde en seksuele gezondheid krijgen veel aandacht.

 

Mannenprostitutie is minder zichtbaar en dus ook minder goed maatschappelijk aanvaard. Mannen die met andere mannen vrijen én er nog geld voor krijgen ook, het ligt bijzonder gevoelig, ook anno 2009. In een stad als Antwerpen zijn er flink wat jongens en mannen die zich prositueren. De medewerkers van de prostitutiewerking Boysproject trachten deze groep te ondersteunen. "Door de taboes rond sekswerk krijgt de eigenwaarde van mannelijke prostitués soms een flinke deuk", weet Bram Van de Putte, sociaal begeleider bij Boysproject. De Magneet schoof aan tafel met Bram.

 

De Magneet: Hoe is jullie werking eigenlijk ontstaan?

Bram Van de Putte: "In de jaren 1990 groeide binnen het Antwerpse straathoekwerk het besef dat nogal wat jonge mannen zich prostitueerden. Vanuit dit besef ontstond in 1998 de "Yugoclub", een vorm van onthaal voor mannelijke prostitués die voor een belangrijk deel uit ex-Joegoslavië afkomstig waren. De straathoekwerkers gingen activiteiten voor de jongens opzetten en hielpen ze met bepaalde vragen. Op zeker ongenblik werd de Roemeense straatjongen Puja levenloos teruggevonden in een Antwerpse havendok. Dat drama zette het lot van straatkinderen en -jongeren extra in de kijker. Het project kreeg na verloof van tijd de erkenning van de stad Antwerpen."

"Sinds 2002 is het Boysproject een deelwerking van het Centrum voor Algemeen Welzijnswerk (CAW) De Terp. Het Boysproject valt onder het Antwerpse prostitutiebeleidsplan en wordt gefinancierd door het Stedenfonds."

 

De Magneet: Boysproject dacht in het recente verleden grondig na over de te volgen koers. Welke krachtlijnen leverde die denkoefening op?

Bram Van de Putte: "Door de jaren heen is het Boysproject uitgegroeid tot een volwaardige prostitutiewerking. Een werking waarin engagement zwaar telt. De activiteiten draaien rond 4 mijlers: "straathoekwerk", de "drop-inn", individuele begeleiding en gezondheidspreventie."

"Binnen ons werk is het van groot belang om ons publiek te bereiken in het milieu waarin ze zich ophouden. Via straathoekwerk op straat, in de bars en op internet willen we sekswerkers de hand reiken. We willen aanwezig zijn in het milieu van deze mannen, ze beter leren kennen en zo laagdrempelig mogelijk onze diensten bekendmaken.

De drop-inn is een woonkamer waar de mannen van harte welkom zijn. De jongens kunnen er tot rust komen, andere mensen ontmoeten, een koffietje drinken of informatie inwinnen."

"Een aantal van de prositiués begeleiden we individueel rond uiteenlopende levensdomeinen. Het kan gaan over prostitutie, homoseksualiteit, school lopen, ander werk vinden, Nederlands leren of asiel- of regularisatieproblemen. Boysproject heeft géén pasklare antwoorden op alle vragen, maar ondersteunt, adviseert en begeleidt de mannen. We vinden ieders persoonlijke keuze van groot belang en brengen daar veel respect op voor. Wat niet wil zeggen dat we het zomaar met alles eens zijn. Door de mannen positief te benaderen trachten we aandacht te hebben voor hun talenten en ze te stimuleren om die te ontwikkelen."

"Preventief werken rond gezondheid is een belangrijk aspect van onze werking. In samenwerking met Gh@pro, het prostitutiegezondheidshuis van Antwerpen, is er om de twee weken een medische consultatie. Jongens kunnen zo anoniem een arts raadplegen. Verder doen we aan gezondheidspreventie door educatieve spelen in de drop-inn aan te bieden en via het straathoekwerk condooms uit te delen."

 

De Magneet: Jullie zijn niet alleen actief op straat maar ook op internet?

Bram Van de Putte: "We hebben inderdaad twee kanalen om met de jongens in contact te treden. Naast het straathoekwerk doen we aan online-hulpverlening. Het is belangrijk dat we permanent op zoek gaan naar onze doelgroep. Op straat, in parken en in homobars komen we de kwetsbaarste mannen tegen. Maar mannen op chatsites zijn ook vaak heel kwetsbaar. Door internet kan je van thuis uit, in de warmte, werken. Maar dee keerzijde van de medaille is dat je alleen bent, alleen jij weet met wie je afspreekt en waar. Er is geen sociaal opvangnetwerk en niemand maakt zich zorgen als je niet thuis komt. Het internet is een zeer geïsoleerde, anonieme wereld."

 

De Magneet: Boysproject kan ook terugvallen op drie vrijwilligers?

Bram: "Klopt. Die vrijwilligers vormen een belangrijke troef. Zij slaan de brug naar de samenleving en brengen ervaring mee vanuit verschillende invalshoeken. De vrijwilligers zijn een belangrijke bron van inspiratie. Hun gedrevenheid vinden we terug in alle facetten van de werking: het straathoekwerk, de drop-inn, de internetpermanentie. Telkens dragen ze hun steentje bij. We zijn deze mensen hier zeer dankbaar voor."

 

De Magneet: In Antwerpen ben je al gauw geneigd te denken dat de prostitués vooral Oost-Europeanen of Marokkanen zijn. Een juiste veronderstelling?

Bram: "Wij merken dat sekswerkers van allerlei nationaliteiten zijn en dat ze ook verschillen qua leeftijd of sociale achtergrond. Voortdurend verdwijnen mannen uit het prostitutiecircuit, en komen er nieuwe bij. Je kan niet zeggen dat de prostitués vooral uit één of ander land komen."

"Sommigen van de prostitués zijn mensen zonder papieren. Mannen die nog geen arbeidskaart kregen en dus niet officieel mogen werken; Er zijn mannen die dan de keuze maken om de prostitutie in te gaan. Dat wijst toch op een ernstig maatschappelijk probleem. In een welvaartsstaat als België vind ik het erg ongepast dat mensen zich moeten prostutueren om te overleven."

"Niet alle mannelijke sekswerkers zijn overigens homo's. Wel zijn er een aantal die op zoek zijn naar hun sekseuele geaardheid en die experimenteren. Anderen zijn uitgesproken heteroseksueel."

 

De Magneet: Doen de prostitués hun werk vooral om te overleven?

Bram: "Ook op dit vlak mag je niet veralgemenen. Er zijn zeker heel wat mannen die zich uit financiële noodzaak verkopen. Maar je hebt ook sekswerkers die homoseksueel zijn, het werk graag doen en bewust kiezen voor een leven in de prostitutie. "Ik ben jong, zie er goed uit en kan geld verdienen in ruil voor seksuele diensten", redeneren deze mannen."

 

De Magneet: Wat zijn de grootste noden of problemen van de prostitués?

Bram: "Seksuele gezondheid is een belangrijk thema. Via preventie trachten wij de mannen te helpen om gezondheidsproblemen te vermijden. Soms willen klanten extra geld neertellen in ruil voor onveilige seks. Wij hebben educatieve spelen in de drop-inn, verdelen condooms en geven informatie; zo trachten we de prostitués aan te moedigen om veilig te vrijen. Soms weten de mannen niet genoeg over seksueel overdraagbare aandoeningen. Sommien denken bijvoorbeel dat je geen condoom moet gebruiken als je iemand pijpt, een misvatting."

"Voor een reeks prostitués kan je stellen dat ze met een aantal problemen kampen. Op verschillende levensdomeinen loopt het mis. Een conflict met hun vader, een onvervulde droom om ander werk te vinden dat beter verdient. Maar ook psychische problemen. Sekswerk is niet vanzelfsprekend, de druk vanuit de maatschappij op je zelfbeeld is groot, je voelt je verooderdeeld. De eigenwaarde van de prostitué heeft het vaak hard te verduren. Mee door het taboe op mannenprostitutie."

 

De Magneet: Neemt de mannenprostitutie in Antwerpen nu toe, of juist af.

Bram: "Recente cijfers geven aan dat het fenomeen zeker niet vermindert. Er blijven nieuwe prositués bijkomen. Door onze samenwerking met Belgische en buitelandse organisaties merken we dat er verschuivingen zijn. Prostitutie is hoe dan ook een eeuwenoud maatschappelijk verschijnsel dat niet van vandaag op morgen zal verdwijnen."

 

De Magneet: Boysproject werkt ook samen met holebi-verenigingen en andere organisaties?

Bram: "We zijn erg blij met ons lidmaatschap van de Holebifederatie. De ideeën over mogelijke samenwerking moeten nog rijpen. Maar er zijn zeker raakvlakken. Holebigroepen werken veel rond emancipatie en eigenwaarde. Net als Boysproject. Er zijn regelmatig contacten met Het Roze Huis - Antwerpse Regenboogkoepel.  In Het Roze Huis volgden we bijvoorbeeld een boeiende opleiding rond homoseksualiteit en interculturaliteit. Zowel in eigen land als internationaal werken we goed samen met een aantal organisaties. Die samenwerking is voor ons van groot belang."

 

Denis Bouwen