achtergrond

25 OKTOBER 2000 Jonge jongens - onbekende prostitués in 't stad

Bron: Zone 03

Prostitutie. Vooral een zaak van betaalde vrouwen? Eigenlijk niet. Ook mannen, en dan vooral jongens tussen 14 en 25, zitten mee in het carrousel.

Een blik in een voor velen onbekende wereld.

Vrouwelijke prostituees kunnen meestal "genieten" van een vrij lange carrière, mannelijke prostitués niet. De vraag naar "jong jongensvlees" is immers heel groot.
Eens een buikje of een rimpel en je tijd zit erop. Vrouwelijke "hoeren" profileren zich doorgaans als hetero; bij de jongens is dat een minderheid. De meesten voelen zich homo-, biseksueel of weten het eigenlijk niet goed. De publieke zichtbaarheid van vrouwelijke prostituees is hoog: de rode lampjes en het felle neonlicht van de raamprostituees in het Antwerpse Schipperskwartier kent iedereen. De jongens daarentegen vallen niet erg op in het straatbeeld. Ze zijn verspreid over de hele stad met als "vaste stekken" het Stadspark en enkele homobars in de stationsbuurt. Vaak worden aids en alcohol gelinkt aan prostitutie. Deze associatie is relatief. Ais en het gebruik van alcohol komen minder frequent voor bij vrouwelijke als bij mannelijke prostitué(e)s.

DUBIEUZE BESCHERMING

Wat opvalt, is de zeer jonge leeftijd van de mannelijke prositués. Als ze beginnen, zijn het echt nog jongens. Hun "prostitutieloopbaan" loopt meestal ten einde rond hun dertigste. De straatprostitués zijn overwegend jonger dan de prostitués die via advertenties aan hun klanten komen. Af en toe worden kinderen vanaf 9 jaar opgemerkt in het Antwerpse straatbeeld. (net als aan het Brusselse Fontainasplein bijvoorbeeld). Deze kinderen vallen vaak hart op te midden van de oudere jongens. Ze worden meestal opgepakt door de politie. Maar ook de straatjongens zelf proberen de kinderen van de straat te houden om ze te beschermen tegen het harde milieu én uit eigenbelang. Jongere kindern zijn voor deze jongens immers gevaarlijke concurrenten. Op die manier onstaat er een soort hiërarchie: de oudste prostitués nemen de jongsten in bescherming en organiseren tegelijkertijd het werk op het terrein. Ook caféhouders en portiers nemen soms jonge prostitués onder hun vleugels in ruil voor een wederdienst in natura of tegen betaling.

WAAROM?

De meeste marginale en/of delinquente prositués zijn afkomstig uit kansarme gezinnen, zo blijkt uit een onderzoek van de Rijksuniversiteit van Gent. Velen worden door hun familie verstoten wegens hun homoseksualiteit. Anderen lopen van huis weg omwille van allerlei problemen. Deze jongens komen dan in steden zoals Antwerpen terecht, op zoek naar overlevingsgeld. Veelal lijkt prostitutie voor hen de enige uitweg. Sommige jongens beseffen zelfs niet dat ze zich prostitueren: de aandacht, de affectie, de cadeaus, het geld zijn voor hen een nieuw gegeven. Ze zien de klant soms als een "suggar daddy", een droomprins die hen uit de problemen zal halen en hen gelukkig zal maken. Voor anderen betekent prostitutie het omkeren van de slachtofferrol: velen werden vroeger seksueel misbruikt en door zich te prostitueren lijkt de klant voor hen nu eventjes het slachtoffer.

"De ex-Joegoslavan zijn de nieuwe zondebokken van 't stad. De Turken en de Marokkanen zijn nu de goei" Dirk, straathoekwerker

JONGENSPROSTITUTIE IN SOORTEN

Straat- en barprostitutie door jongens vind je in Antwerpen vaak rond het Stadspark, het Centraal station en het gebied ertussen - de Quellinstraat en de Statiestraat. Straat- en barprostitutie werken vaak zelfstandig. Meestal benadert de prostitué de klant via oogcontact of een klein gebaar. Het seksule contact voltrekt zich meestal in een hotel, bij de klant thuis, in de wagen van de klant of op afgelegen plaatsen. Op die manier is dit alles haast onzichtbaar in het straatbeeld van de stad.

Een volgende categorie zijn de raamprostitués die een eigen "vitrine" met bijbehorend kamertje huren of bezitten. Deze vorm van jongensprostitutie vind je in België alleen maar in Luik en Namen.

Andere prostitués bieden hun diensten aan via advertenties. Meestal kan je deze terugvindenin kranten in/of gespecilaliseerde dagbladen onder de naam "masseur" en dergelijke. Deze prostitués hebben een vast adres en een telefoonaansluiting en werken volledig zelfstandig. Ze ontvangen de klanten in hun huis.

Een laatste "categorie" komt via een escorte-bureau aan zijn klanten. De hoge eisen waaraan ze moeten voldoen - een goed voorkomen qua kledij, gedrag en hygiëne - worden gecompenseerd door de som hoge die ze verdienen.

NIEUWE ZONDEBOKKEN

Uit een steekproef van 1995 blijkt dat een kwart van de jongensprostitués van Belgische herkomst is, een kwart van Turkse of Marokkaanse afkomst en een kwart uit het Oostblok komt. Dirk, de enige straathoekwerker die zich ontfermt over de jongensprostitués in Antwerpen - zo'n 70 à 100 - vergelijkt de situatie van toen met die van nu. "Er is een groei van minderjarige ex-Joegoslaven te merken in de Antwerpse jongensprostitutiewereld. Deze bevolkingsgroep wekt de laatste tijd argwaan en wantrouwen bij heel wat Antwerpenaars en zijn daardoor uitgeroepen tot nieuwe zondebokken. Ze kunnen niets goed doen. Vroeger waren dat de Turken en de Marokkanen, maar dat zijn nu de "goei". Omwille van de groei van straat- en zwerfjongens uit ex-Joegoslavië riep Dirk en januari 1999 een inloopruimte in het leven in Antwerpen. Doelstelling was om de kinderen een plaats te geven waar ze tijdelijk uit de stress van het straatleven konden treden, gratis aan activiteiten konden deelnemen en allerlei hulpvragen konden stellen. Resultaat: op enkele maanden tijd kreeg de ruimte - door de jongens omgedoopt tot de "Joegoclub" - 70 ex-Joegoslavische prostitués en straatkinderen over de vloer.

In de zomer van 1999 werd het Dirk echter te veel: hij besteedde té veel tijd aan het organiseren van de inloopruimte en kwam te weinig op straat bij de andere jongensprostitués. Stad Antwerpen heeft daarom drie betaalde krachten mensen op het initiatief gezet dat nu nog steeds loop: het zogenaamde Project Antwerpse Straatkinderen ofte PAS;

AIDS BLIJFT TABOE

Zoals gezegd geven de meeste prostitués zich uit als homo- of biseksueel. Vooral Marokkaanse en Turkse prostitués hebben het moeilijk om openlijk uit te komen voor hun homoseksualteit. De Islamitische cultuur tolereert lichamelijk contact tussen mannen, maar homofilie wordt absoluut niet op prijs gesteld. De prostitués uit de Oostbloklanden zijn meestal heteroseksueel. Prostitutie is voor hen een laatste noodmiddel om geld te verdienen, velen staan immers afkering tegenover homo's.

Spijtig genoeg is het gebruik van condooms nog steeds taboek bij mannelijke prostitués. Toegeven dat je een rubbertje gebruikt, is immers bekennen dat je anaal contact hebt en dus homo bent. Seksuele voorlichting door hulpverlenders verloopt niet altijd even vlot omdat velen niet over aids willen praten.

MONEY, MONEY, MONEY

Prostitutie is een overlevingsmiddel, een middel om snel geld te verdienen, een seksueel experiment, een middel om een verslaving te kunnen betalen, een affectiemiddel of een middel om onderliggende problemen af te reageren. Uiteraard bestaan er nog andere drijfveren om de de prostitutie te stappen, maar daarvoor hebben we een psychiater nodig. Wat vast staat, is dat geld het belangrijkste motief is om zich te prostitueren. Het geld dat vooral de straatprostitués zo hard nodig hebben is vaak meteen op: de meeste jongens sparen niet, waardoor ze hun financiële problemen moeilijk kunnen overwinnen. De adverterende prostitués daarentegen slagen er even in uit hun financiële crisissituatie te raken. Daarna vervallen ze meestal terug in een leventje aan de rand van de maatschappij. Op prostitutievlak is er in Antwerpen dus nog veel werk aan de winkel.